Human flesh search engines


Er is geen twijfel over mogelijk, de ‘netizens’ (gebruikers van internet) in China hebben het niet zo op overheidspersoneel. Dat is ook niet zo vreemd. Het is een publiek geheim dat overheidsambtenaren (‘government officials’) zich regelmatig verrijken door corruptie. Naast de afname van sociale moraal, voedselveiligheid, het groeiende inkomensgat en huizenprijzen noemden de gebruikers van internet recentelijk de corruptie van de overheid hun grootste zorg in China.

Het mag dan ook geen verrassing zijn dat Chinezen graag corruptie blootstellen, maar dan wel op een veilige, relatief anonieme manier. Waar ben je anoniemer dan op internet, waar je je niet druk hoeft te maken over gezichtsverlies. Zie hier het ontstaan van de ‘human flesh search engine’ (hfse), een term die refereert aan massaal speurwerk door samenwerkende netizens, on- en offline zoekend naar de vuile was van het betrokken individu.

Als een hfse wordt opgestart, worden in razendsnel tempo duizenden, zo niet miljoenen Chinezen gemobiliseerd. Zeker nadat de eerste feiten aan het licht komen, groeit de zoektocht in een hoog tempo, mede dankzij het delen van informatie via sociale netwerken en websites.

Achterhalen identiteit

Vaak gaat het in eerste instantie om het achterhalen van iemand’s identiteit, meestal als een in een nieuwsbericht niet geïdentificeerde persoon zich met zijn daden de woede van de netizens op de hals haalt. Dit hoeven echter niet altijd overheidsambtenaren te zijn. Neem bijvoorbeeld de Russische cellospeler die vorig jaar in de trein een verbaal gevecht had met een Chinese dame die er niet van gecharmeerd was dat hij zijn voeten op de neksteun van haar stoel had liggen.

De Rus schold haar uit, wat gefilmd werd en al snel op de lokale videowebsites verscheen.[i] Het duurde slechts enkele dagen voordat de identiteit van de man was achterhaald. Het akelige is overigens dat de intentie van een dergelijke zoektocht vaak niet alleen het achterhalen van de identiteit is. Nee, men wil bloed zien. Zo ook bij de Rus; hij werd ontslagen bij het Beijing Symfonisch Orkest.

Nauwlettend in de gaten gehouden

De centrale overheid houdt hfse nauwlettend in de gaten. Het is voor hen een middel om corruptie op het niveau van lokale overheid, waar ze onvoldoende controle over hebben, te achterhalen en te straffen. De eerste bekende gevallen van hfse stammen uit 2006 toen netizens op zoek gingen naar de identiteit van een vrouw die een kitten doodstampte met haar naaldhakken.

Tegenwoordig verschijnen maandelijks berichten in het nieuws van ambtenaren die zijn afgezet nadat netizens via een hfse hebben ontdekt dat ze onmogelijk hoge bestedingspatronen hebben. Zo kwam corruptie van een ambtenaar genaamd Zhou Jiugeng aan het licht toen de netizens ontdekte dat hij sigaretten rookte die 1.500 RMB (180 euro) per pakje kosten en een dure auto en horloge van 16.000 dollars bezat. Er werd een onderzoek naar hem ingesteld en hij werd uiteindelijk veroordeeld tot elf jaar gevangenisstraf wegens het aannemen van steekpenningen.

The Laughing Brother

Een ander voorbeeld is Yang Dacai, een ambtenaar die na een botsing tussen een nachtbus en een methanol-truck betrapt werd op het lachen tijdens een inspectie van de plek waar 36 mensen om het leven kwamen. De vraag was waarom hij lachte (het kon uit zenuwen zijn) maar niet voor de netizens. Het schoot hen direct in het verkeerde keelgat en binnen de kortste keren had de hfse een reeks foto’s opgedoken waaruit overduidelijk bleek dat Yang over een collectie van minstens 11 peperdure horloges beschikte, variërend in prijs van 30.000 tot 400.000 RMB (3.500 tot 50.000 Euro).

Yang, die naar schatting officieel niet meer verdiende dan 12.000 euro per jaar kreeg al snel de bijnamen ‘Laughing Brother’ en ‘Watch Brother’. Hij was de eerste ambtenaar die een poging deed om zichzelf te verdedigen op China’s microblogs, maar het mocht niet deren. Na enkele weken werd bekend dat hij na onderzoek ontslagen was wegens ‘disciplinaire overtredingen’.[ii]

Hfse blijkt ook een krachtig middel bij aanrijdingen waarbij de dader de benen neemt. Een dronken student reed in 2010 een studente dood. De dader schreeuwde ‘klaag me maar aan als je durft, mijn vader is Li Gang’. Met deze informatie ging de hfse aan de slag en al snel werd duidelijk dat Li Gang de onderdirecteur van het lokale Public Security Bureau was. De Communistische Partij probeerde in eerste instantie het schandaal in de doofpot te stoppen, maar het was al te laat. Onder publieke druk kreeg de dader uiteindelijk zes jaar gevangenisstraf en moest een financiële vergoeding betalen aan de ouders van de overleden studente.

Soms gaat het te ver

Hfse kan ook te ver gaan. In Hong Kong hebben netizens mensen nagejaagd voor sociaal onacceptabel gedrag, maar geen schokkende misdaden als corruptie.[iii] De ellende die ze over zich heen krijgen, staat niet in verhouding tot hun overtredingen. Personen die het slachtoffer worden van hfse kunnen namelijk flink lastig gevallen worden, van haatdragende e-mails tot bedreigingen met de dood.

Dankzij hfse komen een hoop schandalen aan het licht in China. Het is echter de vraag waar precies de ethische grenst ligt. De centrale overheid heeft, ondanks de waarde die hfse voor haar heeft, in ieder geval laten weten dat ’hfse’s in principe illegaal zijn en inbreuk maken op de rechten van de burgers in kwestie. Maar ook hier is de wettelijke grens, zoals zo vaak in China, onduidelijk.

[i] http://www.youtube.com/watch?v=d-7EWxDw604

[ii] In september 2013 werd Yang veroordeeld tot 14 jaar cel wegens het aannemen van smeergeld.

[iii] http://www.youtube.com/watch?v=vqPLAIMuJ7M