Reizen in China en het gedrag van de Chinese toerist


Tijdens de twee jaar dat ik in China woonde en mijn jaarlijkse bezoeken heb ik zo’n 40.000 kilometer afgelegd in het land en van de 30 hoogtepunten die Lonely Planet beschrijft heb ik inmiddels 23 bezocht. Het heeft me niet alleen veel geleerd over het land, maar ook over de wensen en het gedrag van de Chinese toerist. Ik kan iedereen die deze mensen als doelgroep heeft voor zijn business aanraden ook eens door China te reizen. Het leert je enorm veel over de manier waarop je deze klanten kunt bekoren. In deze laatste aflevering in de serie over Chinees toerisme deel ik een aantal opmerkelijkheden over de Chinese toerist in eigen land.

Souvenirwinkeltjes

In China heb je een aantal bijzonder mooie oude pittoreske dorpjes, waar het land met recht trots op is. Ik heb er verschillende mogen aanschouwen, waaronder waterdorpje Wuzhen, de dorpjes Xidi en Hongcun in de provincie Anhui en Fenghuang, Dali, Lijiang, Zhongdian (Shangri-La) en Pingyao. Allemaal heel bijzonder maar tegelijkertijd ook behoorlijk gecommercialiseerd. Vaak is het de buitenkant die voor ons buitenlanders het interessantst is, maar de Chinees wil meer en de dorpjes puilen vrijwel altijd uit van de restaurantjes en ontelbare souvenirwinkeltjes die allemaal dezelfde spullen verkopen.

Als je enkele van deze dorpjes hebt gezien begint het op te vallen dat de zogenaamde ‘traditionele producten’ – zoals bijvoorbeeld de pindakoekjes die met grote houten hamers platgeslagen worden – niet alleen in talloze winkeltjes in één dorpje te krijgen zijn maar eigenlijk in elk dorpje te vinden zijn. Het schijnt de Chinees niet te deren. Ook het feit dat bezienswaardigheden vaak verre van authentiek zijn blijkt geen probleem te zijn. De pragmatische Chinees is al gauw tevreden met replica’s, misschien wel omdat er tijdens de Culturele Revolutie zoveel cultureel erfgoed vernield is, ongeacht of het om een dorpje als Dachang gaat dat door de bouw van de Drieklovendam onder water is komen te staan en nu hoger op de helling is nagebouwd, of om de bouw van een ‘nieuwe oude’ stadsmuur in Datong die nooit in die vorm bestaan heeft.


Als we in Nederland kijken komen we dit soort ‘tourist traps’ minder vaak tegen en het lijkt me zeker niet de bedoeling dat we onze attracties daarop gaan aanpassen. Maar de combinatie van het typische uiterlijk van een dorp en de commercie is juist wel wat de Chinees leuk vindt. De Zaanse Schans is een plaats die hen daarom zeer zal aanspreken.

Selfiesticks

Iedereen die wel eens in China is geweest of een groep Chinese toeristen heeft getroffen weet hoe gek ze zijn op het maken van selfies. Waar wij Nederlanders vaak een mooie foto willen van het landschap of een gebouw is het voor de Chinees niet compleet als ze er niet zelf in staan. Dit gedrag vindt niet alleen zijn oorsprong in het feit dat men wil vastleggen dat men er ook echt geweest is, het is ook een stukje status. Foto’s worden gedeeld op de Chinese social media als Weibo en WeChat om vrienden en familie te laten zien waar je allemaal naartoe gaat en dat het je financieel voor de wind gaat.

Bij diverse fotogenieke locaties stikt het van de verkopers van selfiesticks en gezien het grote aantal selfies dat genomen wordt neemt men vaak niet eens meer de moeite om de telefoon uit de stick te halen. Zelfs telefoongesprekken worden gevoerd terwijl de ingeschoven stick als een gevaarlijke antenne uitsteekt, wachtend tot iemand er met zijn oog inloopt.

Hoewel de meeste Chinezen zullen beschikken over selfiesticks is de kwaliteit soms beroerd en zijn de bezoekers potentiële klanten voor vervangende sticks. Maar ze kunnen ook worden gestimuleerd om op bepaalde plekken selfies te nemen waarmee op Chinese social media een hoop ‘free publicity’ gegenereerd kan worden voor onze attracties.

Folklore

China heeft 56 minderheidsgroeperingen en Chinezen vinden die buitengewoon interessant. Zeker als ze het zuiden van China bezoeken, waar de concentratie van verschillende minderheden hoog is, willen ze graag zien hoe die mensen wonen en leven. Ze verwachten traditionele kledij, bijzondere huisjes en vooral optredens. In China heerst de overtuiging dat minderheden overal aan volksdansen doen. Hierop wordt slim ingespeeld door waar je maar komt dansuitvoeringen in traditionele kledij aan te bieden. Dat de dansers in hun vrije tijd gewoon een spijkerbroek en T-shirt dragen en dat ze soms helemaal niet behoren tot die minderheid doet er dan niet toe. Ook bij historische bezienswaardigheden wordt vaak verwacht dat er een show door krijgers of de hofhouding van een keizer wordt uitgevoerd.

Chinezen die Nederland bezoeken verwachten ook dit soort vertier. Maar het wordt zelden door ons aangeboden. Hoe belachelijk wij onze oude klederdracht en klompendansen ook vinden, de Chinese toerist zou er van smullen. In China wordt zelfs op de meest vreemde plekken, zelfs in sommige tempels, de mogelijkheid geboden om je te verkleden in lokale klederdracht en je dan te laten fotograferen. Ook in Nederland zouden we dat vaker kunnen aanbieden.



In Shenzhen bezocht ik het opvallend leuke Splendid China – Folk Culture Villages park waar 80 beroemde Chinese bouwsels op schaal zijn nagebouwd. Een ander deel van het park toont de minderheden van China in replica’s van hun woningen met uiteraard diverse dansshows. Het is een fantastisch dagje uit voor de Chinese toerist met beperkt budget. Ook zijn er op diverse plaatsen in China parken waar de wereldwonderen op schaal zijn nagebouwd. Hoewel attracties als Splendid China natuurlijk met name de nationale trots van de Chinees aanspreken denk ik dat ook Nederlandse attracties als het Openluchtmuseum zeer in de smaak zouden vallen bij deze doelgroep.

Natuurparken

Ook zogenaamde ‘liefdessloten’ kom je in alle natuurparken tegen.

Naast de soms grijze steden heeft China prachtige natuurparken. Plekken als de meren en watervallen van  Jiuzhaiguo, de Avatar-rotsen van  Zhangjiajie, de zandduinen in Dunhuang en talloze bergen als Huangshan trekken horden Chinese toeristen, vooral tijdens de diverse nationale feestdagen. Men is blij frisse lucht te kunnen ademen, even weg te kunnen zijn uit de smog en om de natuur te kunnen zien. Want buiten de standaard stadsparken die allemaal op elkaar lijken komt de stadsbewoner niet echt aan z’n trekken waar hij woont. Ook Nederland heeft natuurlijk prachtige stukjes natuur als de (Hoge) Veluwe, maar ook het Waddengebied is een nog niet ontdekte plek voor de Chinese toerist. Tijdens het bezoek van mijn schoonouders afgelopen zomer viel het me op dat elk bos hun hart sneller deed slaan. En de Loonse en Drunense duinen vonden ze een van de hoogtepunten van hun bezoek. In Nederland kunnen we meer doen om deze plekken onder de aandacht te brengen en daarmee het verblijf van de Chinese toerist aan ons land te verlengen van de 1,5 dag die ze gemiddeld blijven tot meerdere dagen of misschien zelfs wel meerdere weken.

Dit artikel is de laatste in een reeks over Chinees toerisme. Lees ook deel 1 en deel 2.